Biobrandstoffen zijn voorlopig onmisbaar

Rob Groeliker is de nieuwe voorzitter van de MVO-projectgroep Biobrandstoffen. In het MVO Magazine van september 2017 geeft hij zijn visie op het belang van biobrandstoffen.

Het klimaatverdrag van Parijs is op 5 oktober 2016 geratificeerd. Op tal van terreinen zullen veranderingen merkbaar worden. Om de transportsector onafhankelijk te maken van fossiele bronnen wordt vooral gekeken naar elektrificatie en ook naar waterstof. Voor beide alternatieven geldt dat de introductiesnelheid enigszins gelijk op moet gaan met de investeringen in zonne-energie en windenergie, anders veroorzaken we juist een toename van transportemissies.

Voor vrachtverkeer en scheepvaart zijn milieuvriendelijke oplossingen minder uitgekristalliseerd. Zolang er op fossiele diesel gereden wordt, blijft de belangrijkste manier om diesel te vergroenen het bijmengen van biodiesel. Biodiesel uit gebruikt frituurvet, uit dierlijke afvalresten of uit plantaardige olie realiseren tussen de 60-90% emissiereductie. Biodiesel draagt tegelijkertijd bij aan een hoogwaardigere toepassing van afval en er blijft minder Europese landbouwgrond ongebruikt. Voor biodiesel uit palm of soja wordt de duurzaamheid gewaarborgd door middel van steeds transparantere certificeringsystemen. Als industrie zullen we voortdurend moeten streven naar een grotere duurzaamheid van onze waardeketens en hierover extern verantwoording blijven afleggen. Intensief overleg met politiek, overheden, collega industrie uit de keten en NGO’s is daarvoor een randvoorwaarde.

In de politiek zijn er de afgelopen 10 jaar stevige debatten gevoerd over het bijmengen van biobrandstoffen. In 2009 is de Renewable Energy Directive aangenomen, op basis waarvan in Europa ruim €10 miljard in biobrandstoffen is geïnvesteerd. In 2015 is deze richtlijn alweer aangepast. Op dit moment lopen binnen de Europese Unie opnieuw discussies over de toekomst van biobrandstoffen na 2020. Na elke Europese aanpassing wordt deze vervolgens in nationale wetgeving geïmplementeerd, hetgeen wederom de volle aandacht van onze industrie zal vragen. En passant spelen er kwesties als antidumpingwetgeving en de nationale afvalstoffenwetgeving die een hoogwaardiger hergebruik van reststoffen in de weg staan. Ook de komende decennia zal MVO een belangrijke rol spelen als Nederlandse vertegenwoordiger van de oliën- en vettenindustrie en ik ben vereerd daar mijn bijdrage als voorzitter van de projectgroep Biobrandstoffen aan te mogen geven.

Ik kijk uit naar een prettige en constructieve samenwerking.

Rob Groeliker, Managing Director Biopetrol Rotterdam B.V. en voorzitter van de projectgroep Biobrandstoffen van MVO

Het volledige MVO Magazine is hier beschikbaar.