Volgens Richtlijn 2001/80/EG inzake de beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties moeten de EU-lidstaten programma's vaststellen voor de geleidelijke vermindering van de totale jaarlijkse emissies van bestaande installaties (nationale emissiereductieplannen). In deze programma's worden zowel het tijdschema als de uitvoeringsbepalingen voor de desbetreffende programma's vastgesteld.
Uiterlijk op 1 januari 2008 moeten significante emissiereducties zijn verwezenlijkt door de restricties van de emissies zoals deze gelden voor nieuwe stookinstallaties ook te doen gelden voor bestaande stookinstallaties. Deze richtlijn is van toepassing op stookinstallaties met een nominaal thermisch vermogen van 50 MW of meer, ongeacht het toegepaste brandstoftype (vaste, vloeibare of gasvormige brandstof). Zij is enkel van toepassing op stookinstallaties die bestemd zijn voor de opwekking van energie, met uitzondering van die welke de verbrandingsproducten rechtstreeks in productieprocédés gebruiken.
In art. 2 staat als definitie van biomassa: producten die geheel of gedeeltelijk bestaan uit plantaardig landbouw- of bosbouwmateriaal dat gebruikt kan worden als brandstof om de energetische inhoud ervan te benutten, alsmede de volgende als brandstof gebruikte afvalstoffen:
In bijlage I en II staan het plafond en de streefcijfers opgenomen voor de vermindering van de SO2- resp. NOx-emissies voor bestaande installaties. Bijlagen IV, VI en VII bevatten emissiegrenswaarden voor SO2 , NOx resp. stof in het geval van vloeibare brandstoffen.
Emissierichtlijn 2001/80/EG is in Nederland geïmplementeerd via het Besluit Emissie Eisen Stookinstallaties (BEES)
- plantaardig afval uit land- en bosbouw;
- plantaardige afval van de levensmiddelenindustrie, indien de opgewekte warmte wordt teruggewonnen;
- vezelachtig afval afkomstig van de productie van ruwe pulp en van de productie van papier uit pulp; indien het op de plaats van productie wordt meeverbrand en de opgewekte warmte wordt teruggewonnen.
- kurkafval;
- houtafval, met uitzondering van houtafval dat ten gevolge van een behandeling met houtbeschermingsmiddelen of door het aanbrengen van een beschermingslaag gehalogeneerde organische verbindingen dan wel zware metalen kan bevatten,wat in het bijzonder het geval is voor houtafval afkomstig van bouw- en sloopafval.
Terug naar overzicht