English
 
 » Wet- en regelgeving » Dierlijk vet » Voor humane consumptie » Residuenverordening 470/2009
 Wet- en regelgeving  
  
 
 Residuenverordening 470/2009  

Verordening (EG) 470/2009 is sinds 6 juli 2009 de verordening die de maximumwaarden bevat voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik (omschreven als: farmacologisch werkzame stoffen) in levensmiddelen van dierlijke oorsprong. Ook is bepaald dat de Commissie voor bepaalde stoffen ten behoeve van de controle actiedrempels kan instellen. Tot de te onderzoeken weefsels behoort in veel gevallen het vetweefsel van dieren.

De feitelijke indeling van de farmacologisch werkzame stoffen in toegestane stoffen (waarvoor MRL's gelden) resp. verboden stoffen is terug te vinden in tabel I resp. tabel II van de bijlage van Verordening (EU) 37/2010. Deze twee tabellen vervangen de bijlagen I t/m IV van de oude Residuenverordening (EEG) 2377/90, zij het dat de voorlopige MRL's uit bijlage III waarvan de geldigheidsduur is verstreken, niet in de nieuwe lijst zijn opgenomen.
Begin 2010 is alleen bijlage V van Verordening (EEG) 2377/90 nog van kracht.

De bijlage van Verordening (EU) 37/2010 is na haar afkondiging gewijzigd voor de volgende stoffen:

- valnemuline voor van konijnen
- tildipirosine voor runderen, geiten en varkens  
- methylprednisolon voor runderen
- derquantel voor schapen
- natriumsalycilaat voor kalkoenen
- monepantel voor geiten
- isoeugenol voor vissen
- Fenoxymethylpenicilline voor pluimvee
- Altrenogest voor varkens en paardachtigen
- Lasalocide voor runderen
- Octenidine dihydrochloride voor alle voedselproducerende zoogdieren
- Monepantel voor schapen en geiten
- Nitroximil voor melkproducerende dieren
- Gepegyleerde boviene granulocyt-koloniestimulerende factor voor runderen
- Closantel voor melkproducerende runderen en schapen
- Triclabendazool voor melkproducerende herkauwers

  

 

 Updates