Richtlijn 76/621/EEG schrijft een maximumgehalte voor van 5 procent erucazuur in dierlijke vetten - berekend op het totale gehalte aan vetzuren in de vetfractie - die voor menselijke consumptie zijn bestemd alsmede voor de vetfractie (als deze 5 procent of meer van het samengestelde levensmiddel bedraagt) in levensmiddelen waaraan dierlijke vetten zijn toegevoegd.
Voor de volledige tekst van de geconsolideerde richtlijn, klik hier .