English
 
 » Wet- en regelgeving » Dierlijk vet » Overige regelgeving » VWA-regels invoer dierlijk vet en visolie
 Wet- en regelgeving  
  
 
 VWA-regels invoer dierlijk vet en visolie  

De Voedsel en Warenautoriteit (VWA) heeft richtlijnen opgesteld voor de buitengrensinspectiepost (BIP) over de vraag hoe de onderscheiden stromen dierlijke vetten en visoliën dienen te worden gekanaliseerd. Met de implementatie hiervan is men bezig.

Uitgangspunten zijn als volgt:

  • visolie humane consumptie:
    In de regelgeving zijn geen eisen vastgelegd voor de invoer van dit product. Het product is echter wel keuringsplichtig, d.w.z. dat er een documenten-, overeenstemmings- en materiële keuring gedaan moet worden. Om onderscheid te kunnen maken tussen de verschillende soorten visolie (humaan vs. niet humaan, geraffineerd vs. niet geraffineerd) moet op het originele begeleidend document vermeld worden wat de bestemming is van het product: 'bestemd voor humane consumptie' of 'na raffinage bestemd voor humane consumptie'.
    Met ingang van 1 oktober 2005 moet dit begeleidend document een veterinair document (dus geen veterinair certificaat of gezondheidscertificaat!) zijn d.w.z. een standaard document van de veterinaire autoriteiten van het naar Nederland exporterende derde land waarop in elk geval staat vermeld de aard van het product (dus 'visolie bestemd voor humane consumptie' of 'visolie na raffinage bestemd voor humane consumptie'), de hoeveelheid en de herkomst.
  • visolie niet bestemd voor humane consumptie:
    Hiervoor zijn tot 1 mei 2004 twee invoerregiems van toepassing:
    1. invoer volgens de bestaande invoereisen, d.w.z. de eisen die gesteld werden voordat de verordening dierlijke bijproducten in werking trad. In de praktijk zijn deze 'bestaande' invoereisen nooit in regelgeving vastgelegd waardoor invoer onbeperkt mogelijk is.
    2. invoer volgens de eisen van verordening dierlijke bijproducten.
  • rundertalg en andere vetten bestemd voor humane consumptie:
    Invoer geschiedt op basis van de
    instructie invoer APDO producten. Hierbij dient gebruik te worden gemaakt van een algemeen certificaat of, in het geval Nieuw-Zeeland het land is van waaruit wordt geïmporteerd, van een speciaal certificaat.
  • rundertalg en andere vetten niet bestemd voor humane consumptie:
    Hiervoor zijn tot 1 mei 2004 twee invoerregiems van toepassing:
    1. invoer volgens de bestaande invoereisen, d.w.z. de eisen die gesteld werden voordat de verordening dierlijke bijproducten in werking trad.
    2. invoer volgens de eisen van verordening dierlijke bijproducten.
    Na 1 mei zijn alleen de eisen van genoemde verordening van toepassing.


Met betrekking tot de BSE-verklaring geldt het volgende:
vetten afkomstig van herkauwers die bestemd zijn voor technische of farmaceutische producten hoeven geen BSE-verklaring op het certificaat te hebben. De stroom van deze vetten moet echter wel gekanaliseerd worden zodat er geen vetten met BSE-materiaal in de humane of dierlijke voedselketen verdwijnt. De regelgeving voorziet in deze kanalisatie door middel van art. 8, lid 4 van Richtlijn 97/78/EG. Een en ander betekent dat de vetten vanaf aankomst in de haven tot en met de uiteindelijke bestemming gekanaliseerd moeten worden en onder toezicht moeten staan.

(Bron: Drs. K. Zwaagstra, VWA Centraal)

 

 

  

 

 Updates