Richtlijn 89/654/EEG betreffende minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid voor arbeidsplaatsen bevat voorschriften m.b.t. veiligheid en gezondheid waaraan een arbeidsplaats en de bijbehorende omgeving (werkplek in brede zin) moet voldoen. Zij regelt onder meer de verplichting tot het vrijhouden van (nood)uitgangen, het aanbrengen en onderhouden van veiligheidsvoorzieningen, en het schoonmaken en technisch onderhouden van installaties en inrichtingen.
In de bijlagen I en II zijn specifieke minimumvoorschriften opgenomen t.a.v.:
- stevigheid en stabiliteit van de gebouwen
- betrouwbaarheid van de elektrische installaties;
- bruikbaarheid van vluchtwegen en nooduitgangen;
- beschikbaarheid van afdoende brandbestrijdingsmiddelen;
- aanwezigheid van voldoende luchtverversing;
- temperatuursniveau;
- goede verlichting;
- markering op transparante deuren;
- adequate markering van gevarenzones;
- aanwezigheid van ontspanningsruimten;
- faciliteiten voor zwangere vrouwen en zogende moeders;
- aanwezigheid en onderhoud van sanitaire voorzieningen
- aanwezigheid van eerstehulpmateriaal;
- faciliteiten voor gehandicapte werknemers;
- veilig verkeer van voetgangers en voertuigen;
- bijzondere maatregelen voor laadplatforms, roltrappen, rolpaden, deuren, ramen en werkplekken in de open lucht.