| nieuws |
|
| Wetgeving Dierlijk Vet |
|
Redactie:
J.Ph. van der Zwaluw | zwaluw@mvo.nl
Telefoon +31(0) 70 319 51 16
Fax +31 (0) 70 319 51 96
|
Prodcom-lijst voor 2011 gepubliceerd
Actiedrempels dioxinen, furanen en PCB's gewijzigd
FVO zeer tevreden over controles nVWA
Hof van Justitie: nationale regeling niet perse strijdig met EU-recht
Groen licht voor meerstapskatalyseproces, eindpunt voor visolie
Prodcom-lijst voor 2011 gepubliceerd
De Europese Commissie heeft de zgn. ‘Prodcom-lijst’ voor industriële producten voor 2011 gepubliceerd. Deze lijst wordt jaarlijks opgesteld om ervoor te zorgen dat alle EU-lidstaten dezelfde codering aanhouden ten behoeve van de communautaire enquête naar de industriële productie. Op deze lijst komen ook producten van de dierlijk-vetsector voor.
Verordening (EEG) nr. 3924/91 verzoekt de lidstaten een communautaire enquête naar de industriële productie uit te voeren. Deze moet worden gebaseerd op een productenlijst, die nodig is om de productiestatistiek en de statistiek van de buitenlandse handel op elkaar te kunnen afstemmen en een vergelijking met de communautaire productennomenclatuur mogelijk te maken. De zgn. Prodcom-lijst is dan ook voor alle lidstaten gelijk.
Ten opzichte van de Prodcom-lijst van 2010 kan worden gesteld dat er inhoudelijk weinig is veranderd en dat met name de verwijzingen naar de GN- dan wel GS-codes zijn aangepast aan de nieuwe schrijfwijze.
Verordening (EU) 830/2011 (283 pagina’s) treedt op 19 september a.s. in werking, maar is met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2011 van toepassing.
De Prodcom-nummers behorend bij de voor de dierlijk-vetsector relevante producten staan in onderstaande tabel.
|
Prodcom
|
Beschrijving
|
Verwijzing naar de nomenclatuur van de buitenlandse handel in 2010 (GS/GN)
|
|
10.11.20.00
|
Eetbare slachtafvallen van runderen, van varkens, van schapen, van geiten, van paarden en van andere paardachtigen, vers of gekoeld
|
0206 [10 (.10 + .95 + .98) + .30 + 80 (.10 + .91 + . 99)]
|
|
10.11.39.10
|
Eetbare slachtafvallen van runderen, van varkens, van schapen, van geiten, van paarden en van andere paardachtigen, bevroren
|
0206 [.21 + .22 + .29 (.10 + .91 +. 99) + .41 + .49 + .90 (.10 +. 91 + .99)]
|
|
10.11.39.30
|
Ander vlees en eetbare slachtafvallen van konijnen, wild en andere dieren
|
0208 [.10 (.10 + .90) + .30 + .40 (.10 + .90) + .50 + .90 (.10 + .30 + .55 + .60 + .70 + .95)]
|
|
10.11.50.40
|
Spek (ander dan doorregen spek) en varkensvet, vers, gekoeld, bevroren, gezouten, gepekeld, gedroogd of gerookt (m.u.v. gesmolten vet)
|
0209 [00 (.11 + .19 + .30)]
|
|
10.11.50.60
|
Reuzel en ander varkensvet, gesmolten
|
1501 [.00 (.11 + .19)]
|
|
10.11.50.70
|
Rund-, schapen- of geitenvet, ruw of gesmolten
|
1502 [.00 (.10 + .90)]
|
|
10.12.30.00
|
Vet van gevogelte
|
0209.00.90 + 1501.00.90
|
|
10.12.40.20
|
Slachtafvallen en levers van pluimvee, vers of gekoeld
|
0207 [.13 (.91 + .99) +. 26 (.91 + .99) + .35 (.91 + .99)]
|
|
10.12.40.50
|
Slachtafvallen van pluimvee, behalve levers, bevroren
|
0207 [.14 (.99) + .27(.99) + .36 (.90]
|
|
10.13.13.00
|
Ander vlees, n.e.g., gedroogd, gezouten of gerookt; meel en poeder van vlees of slachtafvallen
|
0210 [.91 + .92 + .93 + .99 (.10 + .21 + .29 + .31 + .39 + .41 + .49 + .51 + .59 + .60 + .71 + .79 + .80 + .90)]
|
|
10.13.16.00
|
Meel, poeder en pellets van vlees, ongeschikt voor menselijke consumptie; kanen
|
2301.10
|
|
10.20.22.00
|
Vismeel, vissenlevers, hom en kuit (gedroogd, gerookt, gezouten), geschikt voor menselijke consumptie
|
0305 [.10 + .20]
|
|
10.20.41.00
|
Meel, poeder en pellets van vis, enz., ongeschikt voor menselijke consumptie
|
2301.20
|
|
10.41.11.00
|
Varkensstearine, spekolie, oleostearine, oleomargarine en talkolie
|
1503 [.00 (.11 +.19 + .30 + .90)]
|
|
10.41.12.00
|
Vetten en oliën (alsmede fracties daarvan), van vis of van zeezoogdieren
|
1504 [.10 (.10 + .91 + .99) + .20 (.10 + .90) + .30 (.10 + .90)]
|
|
10.41.19.00
|
Andere dierlijke vetten en oliën, alsmede fracties daarvan, niet chemisch gewijzigd
|
1506
|
|
10.41.60.30
|
Dierlijke vetten en oliën, alsmede fracties daarvan, gehydrogeneerd, enz.
|
1516 [.10 (.10 + .90)]
|
|
10.41.72.00
|
Degras; afvallen van vetstoffen of van dierlijke of plantaardige was
|
1522 [.00 (.10 + .31 + .39 + .91 + .99)]
|
|
10.42.10.30
|
Margarine, andere dan vloeibare margarine
|
1517 [.10 (.10 + .90)]
|
|
10.42.10.50
|
Bereidingen van vetten en oliën voor menselijke consumptie (vloeibare margarine)
|
1517 [.90 (.10 + .91 + .93 + .99)]
|
|
13.10.10.00
|
Wolvet en daaruit verkregen vetstoffen (incl. lanoline)
|
1505 [.00 (.10 + .90)]
|
|
20.13.42.40
|
Calciumwaterstoforthofosfaat ('dicalciumfosfaat')
|
2835.25
|
|
20.52.10.40
|
Beenderlijm en andere gelatine
|
3503.00.80
|

Actiedrempels dioxinen, furanen en PCB's gewijzigd
De Europese Commissie heeft besloten de actiedrempels voor dioxinen, furanen en dioxineachtige PCB's te wijzigen. In het streven de aanwezigheid van deze stoffen in levensmiddelen en diervoeders te verminderen geven deze actiedrempels aan wanneer lidstaten en ondernemers een onderzoek dienen in te stellen om de bron van een verontreiniging op te sporen en aan te pakken.
Volgens de nieuwe Aanbeveling 2011/516/EU komen de actiedrempels voor de meeste plantaardige en dierlijke oliën en vetten te vervallen.
In Aanbeveling 2006/88/EG stonden nog uiteenlopende actiedrempels voor plantaardige oliën, verschillende typen dierlijke vetten en mariene oliën met bestemming levensmiddelen. Uit ervaring is inmiddels gebleken dat het bij sommige levensmiddelen bij overschrijding van actiedrempels niet zinvol is om een specifieke bron van verontreiniging te zoeken omdat het meer een zaak is van algemene vervuiling van het milieu. Vandaar dat de hele categorie oliën en vetten in de nieuwe aanbeveling is komen te vervallen. Alleen voor gemengde vetten gelden nu nog actiedrempels, en wel van 1,00 pg/g vet voor de som van dioxinen en furanen, en van 0,75 pg/g vet voor dioxineachtige PCB's.

FVO zeer tevreden over controles nVWA
Het Food and Veterinary Office (FVO) van de Europese Commissie is uiterst tevreden over de wijze waarop de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) aanbevelingen gedaan bij een FVO-inspectie in 2009 in de praktijk heeft doorgevoerd. Dit blijkt uit het rapport dat is opgesteld naar aanleiding van een nieuwe FVO-missie, uitgevoerd in april dit jaar.
In 2009 had het FVO een reeks aanbevelingen gedaan ter verbetering van het Nederlandse systeem van grenscontrole voor dierlijke (bij)producten. Dit jaar keerde het team terug om te zien of en hoe de nVWA de verbeterpunten had opgepikt. De inspecteurs zijn vol lof over de resultaten. Vooral het TRACES-systeem wordt veel sneller en beter benut, maar ook het systeem voor de controles op importen en doorvoer is beter dan twee jaar geleden. Teams zijn gereorganiseerd, controleurs hebben trainingen gehad en de faciliteiten bij de buitengrensinspectieposten (BIPs) zijn eveneens effectiever gebleken.
De rapporteurs concluderen in hun finale verslag dat het grootste deel van de eerder gesignaleerde tekortkomingen is verholpen. De nVWA heeft op dit verslag gereageerd met enkele feitelijke correcties en met actievoorstellen teneinde de laatste verbeterpunten op te pakken.

Hof van Justitie: nationale regeling niet perse strijdig met EU-recht
De Tweede kamer van het Europese Hof van Justitie heeft op 22 juni jl. een arrest afgekondigd waarin wordt bepaald dat het EU-recht zich niet perse verzet tegen een nationale regeling waarin een vervoederverbod voor dierlijke eiwitten wordt geregeld dat verder gaat dan de EU-voorschriften. Voorwaarde is wel dat de situatie van de betrokken lidstaat spoedeisend is waardoor een dergelijke noodmaatregel gerechtvaardigd is. De nationale rechter moet beoordelen of daarvan in de praktijk sprake is (geweest).
Het gaat om een zaak tussen de Staat der Nederlanden en het bedrijf Denkavit. De Nederlandse overheid had eind 2000 een nationale regeling afgekondigd waarin omwille van de bestrijding van BSE een vervoederverbod voor verwerkte dierlijke eiwitten was opgenomen dat op 15 december 2000 van kracht werd. Dit verbod strekte zich onder meer uit tot vismeel en dicalciumfosfaat. Op 1 januari 2001 ging echter de Europese beschikking 2000/766/EG in, waarin een soortgelijk vervoederverbod werd ingesteld maar waarin voor deze twee producten een uitzondering werd gemaakt.
Het bedrijf Denkavit voerde in de oorspronkelijke procedure bij de rechtbank aan dat de regeling onrechtmatig was omdat veterinairrechtelijke bepalingen op Europees niveau worden vastgesteld en werd door de rechtbank in het gelijk gesteld. Vervolgens ging de Nederlandse Staat in hoger beroep bij het gerechtshof in Den Haag. Dit gerechtshof besloot om eerst bij het EU Hof van Justitie een uitspraak te vragen over de mogelijke strijdigheid van een nationale BSE-regeling met EU-wetgeving op BSE-gebied.
Het Hof concludeert nu dat er geen sprake hoeft te zijn van strijdigheid, mits de nationale regeling kan worden beargumenteerd met het spoedeisende karakter van de feitelijke situatie in Nederland in die periode. Het Gerechtshof in Den Haag zal nu dus moeten beoordelen in hoeverre eind 2000 van een spoedeisende situatie sprake was die het de Staat onmogelijk maakte nog twee weken te wachten tot de inwerkingtreding van Beschikking 2000/766/EG.
Klik hier voor het hele arrest.

Groen licht voor meerstapskatalyseproces, eindpunt voor visolie
De Europese Commissie heeft haar gedeeltelijke goedkeuring gehecht aan het zgn. meerstapskatalyseproces voor de productie van hernieuwbare brandstoffen uit dierlijke vetten. Uitvoeringsverordening (EU) nr. 142/2011 is zodanig gewijzigd dat genoemd proces wordt toegestaan voor vetten afkomstig van categorie 2- en 3-materiaal. Voor categorie 1-vetten dient de aanvrager – Neste Oil - aanvullende informatie te verschaffen m.b.t. de wijze waarop het TSE-restrisico door genoemd procedé wordt beperkt.
Om genoemde wijziging door te voeren is artikel 3 van genoemde verordening aangepast. Verder zijn de bijlagen XIV en XV gewijzigd (waaronder model 10B van het gezondheidscertificaat voor ingevoerd vet bestemd voor nonfood-/nonfeed-doeleinden) om de invoervoorschriften en voorwaarden van het gezondheidscertificaat aan te passen op de optie om vetten van categorie 2 en 3 in te zetten voor de productie van hernieuwbare brandstoffen via het meerstapskatalyseproces.
In dezelfde wijzigingsverordening (EU) Nr. 749/2011 is ook geregeld dat de hydrolyse van varkenskadavers en dierlijke bijproducten van varkens op het boerenbedrijf in een gesloten recipiënt wordt toegestaan, mits het gehydrolyseerde materiaal wordt gestort, (mee)verbrand of om gezet in biogas of compost. Het verzoek hiertoe was ingediend door Spanje, Portugal, Letland, Ierland en het Verenigd Koninkrijk. Deze EU-lidstaten hebben toegezegd de betrokken exploitanten streng te zullen controleren, met name wat betreft de lekdichtheid va de recipiënten waarin het hydrolyseproces wordt uitgevoerd.
Bovengenoemde wijzigingen hebben geleid tot aanpassingen in bijlage IV van Verordening (EU) nr. 142/2011.
Visolie
Tot slot is op verzoek van Denemarken bepaald dat er een eindpunt komt voor visolie bestemd voor toepassing in geneesmiddelen. Hiertoe zijn artikel 3 en bijlage XII van Verordening (EU) 142/2011 aangevuld met specifieke bepalingen hieromtrent.
 |