Duitse biodieselfabrikanten zijn bezorgd over de beschikbaarheid van voldoende gecertificeerd raapzaad. Boeren in Duitsland zijn terughoudend bij het certificeren van hun bedrijf volgens de duurzaamheidscriteria uit de EU Richtlijn hernieuwbare energie (RED, 2009/28) omdat onduidelijkheid bestaat over de vergoeding die staat tegenover de extra kosten van administratie die certificering met zich meebrengt. In principe zou de oogst van dit jaar gecertificeerd moeten worden voor gebruik volgend jaar.
Door slechte weersomstandigheden her en der bestaat de vrees dat de oogst van dit jaar lager zal uitvallen. Boeren houden daarom wellicht het deel van de opbrengst dat nog niet in contracten vastligt voor prijzen tussen €240 en €260 per ton achter de hand zodat de prijzen oplopen, aldus Dieter Bockey, biodieselmanager bij de Duitse groep van de oliezaadindustrie UFOP in een interview. Nu reeds zijn de prijzen opgelopen naar € 330 per ton. Bij gebrek aan gecertificeerde grondstoffen uit eigen land zal moeten worden uitgeweken naar geïmporteerde grondstoffen. Maar volgens Bockey is de situatie met het aantonen van de duurzaamheid van de productie in Rusland en Oekraïne nog veel slechter.
Mogelijke oplossing is dat de oliemolens een premie betalen. Bockey gaf daarbij het voorbeeld van ethanolproducent Verbio die via een marginaal hogere premie van zo'n € 32,50 op korte termijn 50 contracten, goed voor zo'n 50.000 hectare oftewel 350.000 ton bio-ethanol, zou hebben kunnen sluiten.