Met de publicatie van de EU Kaderrichtlijn afvalstoffen (2008/98) hebben bijproducten een duidelijke status gekregen en worden ze niet langer per definitie als afvalstof beschouwd. Ook is de status van dierlijke bijproducten nu duidelijk. Zolang niet gebruikt voor biogas of compostering of afvalverbranding vallen dierlijke vetten en diermeel niet onder de werkingssfeer van de EU Kaderrichtlijn afvalstoffen.
Het feit dat bijproducten nu duidelijk zijn gedefinieerd (art. 5) is een belangrijke vooruitgang voor de toepassing van bijproducten en kan een stimulans betekenen voor de biobased economy, maar ook voor de toepassing van biomassa als biobrandstof. Bij het ontwikkelen van de criteria op basis waarvan vastgesteld kan worden of een product een bijproduct is of niet, is door de beleidsmakers duidelijk gekeken naar de vele uitspraken van het Europese Hof van Justitie op dit gebied. Om overheden op weg te helpen bij de interpretatie van de wetgeving heeft de Europese Commissie reeds in 2007 een communicatie gepubliceerd.
Zoals gezegd is de kaderrichtlijn niet langer van toepassing op dierlijke bijproducten die worden gereguleerd via de Europese Dierlijke Bijproductenverordening (nu nog Verordening (EG) nr. 1774/2002). Uitsluitend dierlijke bijproducten die als afval worden verbrand, worden gestort of worden ingezet voor biogas of compostering vallen onder de Kaderrichtlijn afvalstoffen. In het kader van normale warmte- en/of elektriciteitsopwekking bijvoorbeeld in stoomketels of WKK-installaties wordt dierlijk vet voortaan gezien als normale brandstof. Op basis van de verwijzing in de Dierlijke Bijproductenverordening (1774/2002) naar de Afvalverbrandingsrichtlijn dienen dierlijke vetten momenteel in principe nog als afval te worden verbrand. De Europese Commissie werkt echter aan een wijziging/vervanging van de 1774/2002 waarbij die link alleen wordt gehandhaafd voor producten die in een afvalverbrandingsinstallatie worden verwerkt. Bovendien wordt ernaar gestreefd om het onderscheid tussen afvalverbranding (incineration) en verbranding voor energiedoeleinden (combustion) ondubbelzinnig duidelijk te maken.
De Kaderrichtlijn treedt 20 dagen na publicatie in werking. Het is aan de lidstaten om de richtlijn binnen twee jaar in nationale wetgeving om te zetten.
Klik hier voor de de EU Kaderrichtlijn afvalstoffen (2008/98).